VASTE BEUGEL

VASTE BEUGEL

De 
vaste 
beugel 
wordt 
ook 
wel 
blokjes‐, 
plaatjes‐, 
of
 slotjes beugel 
genoemd. 
De vaste 
beugel 
bestaat
 uit
 slotjes 
(brackets)
 die 
op 
de 
tanden 
worden 
geplakt
 en deze 
slotjes kunnen 
door 
de
 drager 
of 
draagster 
niet 
uit 
de 
mond 
genomen worden
.
Om 
de 
kiezen 
zitten
 
metalen 
ringetjes 
(banden).
 Door 
de 
brackets 
zit 
een draad
 die 
is 
vast gezet 
met 
behulp 
van
 kleine 
elastiekjes 
of 
stalen 
ligaturen. 
De kleur 
van 
deze
 elastiekjes 
kun
 je
 tijdens 
de 
controles kiezen wanneer draad
 opnieuw 
wordt 
vastgezet.
De
 draad
 die 
door 
de 
brackets 
loopt 
gaat 
ervoor
 zorgen 
dat 
je
 tanden
 langzaam gaan
 verschuiven.
 Daarvoor 
oefent 
deze 
draad 
krachten
 uit op
 je 
gebit die 
vooral 
de 
eerste 
paar
dagen 
wat 
gevoelig 
kunnen 
zijn.
 Het 
slijmvlies van 
wangen, 
lippen 
en
 tong 
kan
 geïrriteerd 
raken, 
het geen 
na
 een
 paar 
dagen vanzelf
 weggaat. 
Het 
scherpe 
gevoel 
kun
 je
 ook
wegnemen 
door 
een
 beetje 
was
 op
 de plaats 
waar
 de
 beugel 
pijn 
veroorzaakt te drukken.

Vaste
 beugels zijn 
niet 
schadelijk 
voor 
het 
gebit, wel is het erg kwetsbaar
Daarom
 de
 volgende
 tips:

  • Het is
 heel 
belangrijk 
om
 hard
 dichtbijten 
te 
vermijden, dit 
voorkomt
 dat 
de brackets 
losschieten
.

  • Eet geen kauwgum, 
harde
 snoepjes, 
pepermunt, 
drop 
en
 toffees.
  • Appels
 en
 wortels 
van 
te
 voren 
in
 stukjes
 snijden,
 dus 
niet 
afbijten.
  • 


Poets 
je
 tanden 
iedere 
keer 
als
 je
 iets 
gegeten 
hebt
 met
 een 
ZACHTE tandenborstel. 
Vergeet vooral 
niet 
je 
tandvlees 
goed
 te
 masseren dit om bloeden en ontstekingen te voorkomen. 
Indien 
de 
mondhygiëne 
onvoldoende
 is, 
kunnen 
in
 combinatie 
met suiker 
ontkalkingen 
ontstaan
(witte 
plekken 
rondom
 de
 brackets). 
Deze ontkalkingen
kunnen
 gaatjes 
worden.
  • Snoep
 en
 zoete 
frisdrank 
zijn
 erg 
slecht 
voor
 je
 gebit
 en
 verhogen
 het 
risico 
op gaatjes, 
zeker 
als 
je 
niet 
vaak 
genoeg
 je
 tanden 
poetst. 
Een 
’light’‐product 
zal minder
 snel
gaatjes
 veroorzaken.
 Daarnaast 
is 
het
 belangrijk 
het 
aantal ‘tussendoortjes’ 
te 
beperken.